Voorproefje

Roltrap naar de maan, Rubinstein 2017

De leugenaar

Mijn vader zegt dat ie geen moeder heeft, 
hij is gevonden op de maan. 
Twee astronauten zagen hem 
daar op zijn handen staan. 
Hij is mee teruggevlogen 
en in de achtertuin geland. 
Mijn moeder werd meteen verliefd,
dus hij bleef in Nederland 

Mijn vader is een leugenaar, 
hij kan fantastisch liegen. 
Wat los zit liegt ie aan elkaar, 
hij kan iedereen bedriegen... 
Mijn vader is een leugenaar.  

Mijn vader heeft een jumbojet, 
daarmee vliegt ie naar zijn werk. 
En voor ie naar kantoor gaat, 
draait ie drie keer om de kerk. 
Hij zwemt zo de Noordzee over 
met zijn handen op zijn rug. 
Dan tikt hij aan bij Engeland 
en zwemt onder water terug. 

MIjn vader is eigenlijk een koning, 
hij is de broer van Beatrix. 
Maar hij wil niet op de gulden 
en regeren vindt ie niks. 
Hij is ook goed bevriend met God, 
ze spelen elke zondag schaak. 
Laatst nog heeft mijn vader 
God in één zet afgemaakt. 

En wie dit lied gelooft, 
is niet goed bij zijn hoofd. 
Want ik ben hier de grootste leugenaar. 
Ik heb de boel bedrogen, 
van A tot Z gelogen. 
Ik heb niet eens een vader 
En de rest is ook niet waar. 
Echt waar! 

Uit: Roltrap naar de maan, boek en cd, Rubinstein 2017
Tekst: Harrie Jekkers en Koos Meinderts

Roltrap naar de maan is een prentenboek met alle kinderliedjes van Klein Orkest, met illustraties van Annette Fienieg.
Over een dromedaris die de dierentuin spuugzat is, een koning die bang is om dood te gaan, een vader die fantastisch kan liegen en een nijlpaard dat dik, lui en lelijk gelukkig ligt te zijn. Voorin het boek is de originele cd ingesloten, in 1986 bekroond met een Edison. Voor Ballade van de dood, ontvingen Jekkers en Meinderts in 2009 een Zilveren Griffel.