Schrijfblok

Ik sliep niet meer, maar was ook nog niet wakker, een hallucinerende toestand waarin ik een man op een fiets zag wegrijden. Het woord dodemansrit schoot me te binnen, de titel van een nog te schrijven gedicht. De man op de fiets was mijn allang overleden vader en fietst steeds verder weg van mij weg. Soms haal ik hem dichterbij, in Zien wat van gisteren overbleef bijvoorbeeld, of in Blessuretijd, een gedicht waarin hij langs het voetbalveld van GDA naar mij staat te kijken, wat overigens zelden...

Op 25 augustus 1926 viel Jan Batist op 14 jarige leeftijd op de tuin van de familie Lans in Loosduinen uit een in aanbouw zijnde schoorsteenpijp van ruim twintig meter naar beneden. Hij was op slag dood. Jan was de oudere broer van mijn moeder. Het verhaal ging dat hij in de schoorsteenpijp was geklommen om te kijken of je daarboven over de duinen de zee kon zien. Het verhaal heeft me nooit los gelaten. Net zo min als de vraag of Jan voor hij viel de zee heeft gezien. Ik schreef er een roman...

Ik had een oma en een opoe, opoe hoorde bij mijn moeder en woonde bij ons in de straat, een paar huizen verderop. Op enig moment ging ze naar een verpleeghuis, waar ze spoedig zou sterven. Ik had met haar en mijn moeder te doen en schreef een gedicht dat mijn moeder nog jarenlang heeft bewaard in het doosje met Douwe Egbertszegels. Opgetekend uit mijn herinnering luidt het slot als volgt: Een auto, nu nog een rode,/ brengt haar weg./Een van de zusters/och, ze zijn wel aardig/ geeft haar de...

Elk jaar sturen Annette Fienieg en ik onze familie, vrienden, kennissen en zakenrelaties een zelfgemaakte nieuwjaarskaart. Annette gaat over het beeld, meestal een sjabloondruk, ik over de tekst, meestal een gedicht. Door een blessure aan haar hand kon Annette dit jaar geen nieuwe prent maken, en vanwege een dichtgeslibde dichtader lukte het mij niet meteen een gedicht te schrijven. We besloten een passend citaat uit mijn recente roman Zien wat van gisteren overbleef te gebruiken, met daarbij...

Kunstkeet Met ingang van 1 januari 2026 hebben we, Annette Fienieg en ik, de huur opgezegd van onze winkel en werkplaats aan de Mayerlaan, in Utrecht. Twintig jaar hebben we er gewerkt, winkeltje gespeeld, leesvoorstellingen en eetlezingen georganiseerd. Met het verlaten van de Mayerlaan komt ook een einde aan Kamer 23, de literaire middagen waarop Len Borgdorff in gesprek ging met een kinder- en jeugdboekenschrijver en een schrijver voor volwassenen. Mooie middagen met mooie namen, van Marieke...

Waarin ik op BlueSky een zwartwit foto zag van een Hongaars Joods meisje, Julika Remenyi, geboren op 1 mei 1941. In juni 1944 werd ze gedeporteerd naar Auschwitz waar ze in de gaskamer werd vermoord. Een bericht van Auschwitz Memorial. Nooit meer oorlog? In de zaterdageditie van de Volkskrant zag ik een kleurenfoto van Suwar Ashur, een sterk ondervoed Palestijns jongetje, vijf maanden oud. De kop boven het artikel, een uitspraak van Amande Bazerolle, noodhulpcoördinator Artsen Zonder Grenzen,...

Waarin Frits Spits, presentator van De Taalstaat, opriep tegenwicht te bieden aan de hedendaagse oorlogsretoriek en mee te doen aan de Beweging van Schoonheid door hem je allermooiste mooiste zin te sturen, ‘een al bestaande zin, of zelfbedacht.’ ‘Al die zinnen,' laat Spits weten, 'stapel ik op elkaar, net zolang tot we een gedicht hebben dat naar de hemel reikt.’ Vooruit, ik parkeer mijn cynische ik en mail hem mijn allermooiste zin: Geen oorlog is al vrede genoeg, het motto van Naar...

Waarin ik me voorstelde dat een kind de krant opensloeg en tot haar verbazing haar moeder uitbundig juichend op de foto zag staan. Haar moeder, zag ze dat nou goed? Ze zag het goed. Maar waarom moest haar moeder zo juichen? Was het toen haar broertje geslaagd was voor zijn zwemdiploma? Of moest haar moeder juichen toen de uitslag van haar doorstroomtoets bekend werd? Of was het toen ze te horen kreeg dat opa binnenkort een lintje krijgt omdat hij 25 jaar bij de vrijwillige brandweer in het dorp...

waarin er doden vielen op het slachtveld, heel veel doden. De wapenhandelaars wrijven zich in de handen. De wind is gedraaid, de Koude Oorlog is terug. Er was een tijd dat ik afscheid nam van de ING, de bank belegde ook met mijn dubbeltjes en kwartjes in wapens en ik wilde geen bloed aan mijn handen, ook niet een beetje bloed. Dat wil ik nog steeds niet, maar Oekraïne moet gesteund en Europa moet rearmed. Geen woorden maar wapens. Er was een tijd dat ik PSP stemde, de Pacifistisch...

Op 13 juli 2024 vond er een mislukte moordaanslag plaats op Donald Trump, hij kwam er met een schampschot aan zijn rechteroor vanaf. ‘God heeft me gered,’ beweerde Trump in zijn speech van 20 januari jongstleden. Klopt het dat God hem heeft gered? Tijd om te factchecken en omdat Mark Zuckerberg het niet meer doet, besloot ik het zelf te doen. Ik belde God en nadat ik zeker anderhalf uur in de wacht had gestaan, kreeg ik Hem eindelijk aan de lijn. ‘Het klopt en het klopt niet,’ sprak God...

Meer weergeven